BA2-cursus 2019-2019

Chinese taalkunde: Taalvariatie

 

Jeroen Wiedenhof

"If every single living thing is different from every other living thing, then diversity becomes life's one
irreducible fact. Only variations are real. And to see them, you simply have to open your eyes."

Liam Neeson als Alfred Kinsey in Bill Condons film Kinsey (2004), 12':29" - 12':42"

Inhoud

Algemene informatie

Tijd en plaats

Tijd: maandagen 15u15-17u00

Plaats: VRIESHOF 4 / 005

Behandelde stof

Week 1 (ma 9 sep 19)

In deze sessie

Formaliteiten

Zorg dat je deze leest!

Naslag

Recaps & checkup

  • De talen van China

  • Taalkunde: intro, deelgebieden & grensgebieden

  • Taalkundige termen in het Mandarijn en in het Nederlands

Audio & tekst

  • Behandeling van vragen

  • Behandeling van opdrachten

Audio & tekst

 

Opdrachten

Schriftelijk voorbereiden! Raadpleeg de huisregels

Full steam

Het artikel "Full steam" is een beschouwing over geopolitieke ontwikkelingen in de Zuid-Chinese Zee uit het Banyan-blog van The Economist.

1.  Lees de tekst.

2.  Zoek bij alle Chinese eigennamen (= plaats- & persoonsnamen) de karakters en de uitspraak (Pinyin met tonen), en noteer deze.

3.  Geef in je eigen woorden weer wat de "goofy post-race interviews" in r. 2 vanuit sociolinguïstisch perspectief inhielden.

4.  Aan het eind van de eerste alinea is sprake van het Tanka-volk.

Check over dit volk:

a.  of zij op de lijst staan van minderheden (shǎoshù mínzú 少数民族) van de Volksrepubliek China;

b.  om hoeveel mensen het ongeveer gaat;

c.  wat voor taal/talen zij spreken, en tot welke taalfamilie die behoort/behoren;  

d.  hoe zij zichzelf noemen, in hun eigen taal/talen;

e.  hoe zij in het Mandarijn heten (karakters & Pinyin).

 

Uitsmijter

In de British Library in Londen was tot afgelopen maand een tentoonstelling te zien getiteld "Writing: Making Your Mark".

Van deze expositie is een recensie verschenen van de hand van Camaron Laux op de website "BBC Culture" (26 april 2019).

5.  De recensie bevat helaas meerdere misvattingen over het Chinese schrift.

Speur deze op, en schrijf op hoe je deze mythes vanuit een taalkundig oogpunt kunt doorprikken.

 

 


Week 2 (ma 16 sep 19)

Tekst

Yuen Ren Chao, "Ambiguity in Chinese".

 

Opdrachten

Schriftelijk voorbereiden! Raadpleeg de huisregels

6. Individueel & collectief, n.a.v. sessie 1

a.  voor Pieter als niet-sinoloog, maar ook voor iedereen bij wie het was weggezakt:

Check het overzicht van Chinese talen in § 1.1 in Grammatica van het Mandarijn

Van het werk is de Engelse editie (A grammar of Mandarin, 2015) ook als e-editie te raadplegen: zie de UB-catalogus.

  • Check ook of je deze talen ook op een blinde kaart kunt localiseren.
  • Zorg dat je deze taalnamen kunt uitspreken, transcriberen, en in karakters kunt schrijven.

b.  voor Florence: je stelde na afloop van de eerste sessie nog een vraag over de timing van het werkstuk.

Hierover wilde ik ook voor de hele groep nog even iets kwijt.

Verzoek: kun je mij bij aanvang van sessie 2 hier nog even aan helpen herinneren?

c.  voor iedereen:

Het inleidende overzicht van vorige week was nog niet compleet:

(1) We bespraken Chinese terminologie voor de noties 'fonetiek', 'fonologie' en 'woordenschat'.

Voor 'morfologie', 'syntaxis', 'grammatica' en 'semantiek' ontbraken nog de Mandarijnse termen. Kun je deze aanvullen?

(2) Ga voor jezelf na na of er in het behandelde schema voor een "Taalbeschrijving van taal X" nog onderdelen ontbreken.

(3) Aangekondigd was verder de behandeling van kruisverbanden tussen de taalkunde en andere takken van wetenschap, maar hiervoor ontbrak de tijd.

Probeer zelf minstens vijf van zulke multidisciplinaire vakgebieden te identificeren en te benoemen.

7.  Ook ter behandeling overgebleven van de vorige keer: opdracht 5.

8.  Lees de tekst. Noteer in de kantlijn waar je vragen of problemen in de tekst tegenkomt.

Wij zullen die in het college behandelen. Neem je aantekeningen mee naar de klas.

Zoals in de eerste bijeenkomst besproken:

– Als verplichte leesstof voor dit college zullen we géén gebruik maken van heel lange teksten.

Daar staat tegenover dat je de teksten met volle aandacht moet lezen, en vooral: overdenken!

Gezien het inleidende karakter van de cursus: let daarbij vooral op de gebruikte termen en begrippen.

– Maak voor de opdrachten in deze cursus gebruik van de handboeken in de Asian Library.

Als je daar de weg niet kunt vinden: meld mij dit dan even.

– Schaf een exemplaar aan, en/of check in de UB de electronische beschikbaarheid van:

P. H. Matthews, The Concise Oxford Dictionary of Linguistics.

Oxford: Oxford University Press, 2007 & latere edities.

9.  Verzamel of bedenk zelf gevallen van (a) synonymie; (b) homonymie; (c) polysemie.

Schrijf steeds apart de vorm en de betekenis op. Let daarbij op de transcriptie.

Zoek twee gevallen per taal voor het Nederlands, voor het Mandarijn en een derde taal naar keuze.

Als je de gevallen niet bedenkt maar verzamelt: schrijf de hele zin zo precies mogelijk op; schrijf datum, plaats en context erbij.

10.  Zoek via internet (bibliotheekcatalogi, zoekmachines) antwoord op de volgende vragen:

a. Wanneer leefde Yuen Ren Chao?

b. Hoe luidt zijn Chinese naam?

c. Wat is de titel van zijn chef-d'oeuvre?

d. Wanneer verscheen dat werk? Hoe oud was Chao dus toen dat boek verscheen?

11.  Hoe heet het transcriptiesysteem dat Chao in dit artikel gebruikt? Waarom gebruikt hij niet gewoon Pinyin?

12.  Zijn de volgende paren van uitdrukkingen voorbeelden van

a.  een 'Z-relatie', dat wil zeggen wat Chao een skewed relationship noemt?

b.  homonymie?

c.  polysemie?

d.  of: geen van deze drie gevallen?

  • stroom 'stromend water' en stroom 'stromende elektronen'
  • witbrood en wit brood
  • een gezellig eettentje en een gezellig etentje
  • sectie en sexy
  • diep bukken en het leenwoord debuggen, uitgesproken met een [k] in plaats van de Engelse [g]
  • yí ge rén 'één persoon' en yí ge rén 'in z'n eentje'
  • yí ge rén 'één persoon' en yi ge rén 'een persoon'
  • Tā géi wǒ mái bēr xiǎoshuōr. en Tā mái bēr xiǎoshuōr géi wǒ.
  • brood op de plank in de letterlijke betekenis 'brood dat op een plank ligt' en brood op de plank in de overdrachtelijke zin van 'geld om van te leven'
  • Wie heeft wát gedaan? (met klemtoon op wat) en Wie heeft wat gedaan? zonder deze klemtoon

Uitsmijter

Wat is taalkunde?

Voor niet-taalkundigen is het niet altijd even duidelijk wat taalkundigen doen.

In deze video worden enkele vaak gehoorde misverstanden ontzenuwd.

 

 

 


Week 3 (ma 23 sep 19)

Teksten

Opdrachten

Waar hieronder wordt gevraagd om iets "kort" te formuleren betekent dat: liefst in een enkele zin.

13. Individueel

Pieter: Neem de aantekeningen van In sessie 2 over van een klasgenoot, en bestudeer deze.

Lever dan van de opdrachten hierboven de volgende items schriftelijk in:

opdracht 6.a, tweede bullet: Chinese taalnamen in transcriptie en in karakters

de opdrachten 9 t/m 12

Deadline: vrijdag 20 sep 13u00. Let op:

  • Dubbele regelafstand gebruiken
  • Verzorg je tekst:
    • noem niet alleen de antwoorden, maar zet ook de vragen erbij;
    • denk aan zaken als zoals naam, datum en collegekaartnummer
  • Digitaal aanleveren, uitsluitend als PDF.
  • Stuur de PDF als bijlage in een email aan

14.  In week 2 maakten we kennis met synonymie, homonymie, polysemie en Z-relatie.

Schrijf korte definities uit van elk van de vier termen in je eigen woorden, maar met behulp van de begrippen in Figuur 1.

15.  Ter behandeling overgebleven van de vorige keer: opdracht 12, vanaf de derde bullet.

16.  Lees uit "Taal in wording" de twee opgegeven paragrafen, op pp. 24 tot en met 26.

Ga daarbij ook na of je alle details van Figuur 1 begrijpt.

17.  Lees eerst de Transcriptiewijzer. Maak dan van de oefening in § 4 de zinnen 1 tot en met 10.

Op college zal je gevraagd worden deze zinnen op het bord voor te doen.

18.  Lees "Waarom zeggen Chinezen een l in plaats van een r?".

Noteer eventuele vragen over de tekst en neem deze mee naar college.

19.  Formuleer kort het l/r-probleem dat in dit artikel wordt besproken met behulp van taalkundige basisbegrippen die tot nu toe zijn behandeld.

20.  Noteer alle hier genoemde voorbeelden van op z'n Wenzhounees uitgesproken Nederlandse woorden.

Kun je in je eigen uitspraak van het Nederlands verschillen aanwijzen voor de realisatie van de /r/ in deze voorbeelden?

21.  Het artikel noemt "in het Nederlandse taalgebied ongeveer 15 verschillende manieren om een r uit te spreken".

Het gaat hier dus om regionale verschillen.

Wat voor type verschillen kan verder een rol spelen bij variatie in de uitspraak van de /r/?

Noem er minstens twee, met voorbeelden.

22.  Gegevens over de uitspraak van de Nederlandse /r/ zijn te vinden in het proefschrift van Dick Smakman (Leiden, LUCL):

Standard Dutch in the Netherlands: a sociolinguistic and phonetic description

Dissertatie Radboud Universiteit, Nijmegen. Utrecht: LOT, 2006.

Klik op de PDF van hoofdstuk 11 "Perceptual description" en bekijk tabel 11.5 op p. 237.

Op hoeveel manieren kun je volgens deze bron de /r/ uitspreken in het Nederlands?

23.  Het artikel besluit met "Ik hoor hooguit dat ze het wat vreemd intoneert".

a.  Formuleer kort wat het verschil is tussen toon en intonatie.

b.  Kun je hiermee ook Bertholds ervaring dat "Ik hoor hooguit dat ze het wat vreemd intoneert" verklaren?

 

Ter info

bij opdracht 21:

Koen Sebregts

The Sociophonetics and phonology of Dutch r

Dissertatie Universiteit Utrecht. Utrecht: LOT, 2015.

Web: LOT Publications



Handige hulpjes

 Terminologie

 Schrijfwijzer

 Transcriptiewijzer

 Talen van de wereld

 Redactiesymbolen

 e-ANS

 IPA Chart

 IPA sounds & videos

 IPA TypeIt

Sinitische talen

   

laatste wijziging: 17 september 2019 | home